Oekraïense vluchteling vluchtelingenhulp Gorinchem

Vluchtelingenhulp in Gorinchem
Burgemeester roept op: doe wat u kunt

Vluchtelingenhulp in Gorinchem

Op 7 maart publiceerde Gemeente Gorinchem een column van de hand van burgemeester Reinie Melissant. Het is een oproep om zoveel mogelijk vluchtelingenhulp te bieden aan Oekraïense vluchtelingen. De Russische gaskraan gaat dicht, maar de vluchtelingenstroom gaat open. Op nationaal niveau nemen we maatregelen om de Russen uit onze gang van zaken te bannen. Neem bijvoorbeeld minister Kaag, die pleit voor de wering van Russen uit trustkantoren. (Intussen pleiten Tweede Kamerleden voor de wering van Kaag van het politieke Vragenuurtje op dinsdag, omdat zij er onlangs voor koos afwezig te zijn ten faveure van het geven van een speech in Maastricht.) Voor Oekraïne zwaaien we intussen alle deuren open: als het aan de burgemeester ligt dus ook in Gorinchem.

Inmiddels is het algemene kennis geworden dat er in Oekraïne afschuwelijke, mensenrechten schendende catastrofes plaatsvinden. Burgerslachtoffers zijn in grote aantallen gemaakt. De media wordt overspoeld met berichtgeving vanuit en over Oekraïne. Anders dan in Rusland zelf, waar censuur overheerst, vallen de woorden “oorlog” en “invasie” in Europese nieuwsberichten continu.

Oproep van de burgemeester

Burgemeester Melissant pakt (wederom in de geest van ‘Wir schaffen das’) de draad van de vluchtelingenopvang weer op. Getrouw aan Gorinchems reputatie als Stad van Tolerantie – wat laatst weer eens werd bewezen met de breed gedragen ondersteuning en ondertekening van het Regenboog stembusakkoord – springt zij in de bres voor Oekraïense vluchtelingen. De naderende vluchtelingenstroom moet worden opgevangen, en “de gemeente kan dat absoluut niet alleen.” Daarom is particuliere opvang nodig: “Ik vraag u, nu u dit leest, na te denken over wat u zou kunnen doen.”

De burgemeester leek eerst nog voornemens om zelf vluchtelingen op te gaan vangen – daarover rapporteerde onder andere het AD – maar inmiddels zijn die citaten uit haar column gehaald. (Namelijk: de zin die door veel nieuwsartikelen wordt geciteerd, “In mijn gezin vragen de kinderen zich af hoe we de badkamer moeten delen: ‘Mam, we zijn al met zijn zessen’”, is uit de column geknipt.) Of de burgemeester nog steeds van plan is haar eigen huis ook open te stellen voor vluchtelingen, is op dit moment onduidelijk.

Draag jij graag een steentje bij aan de opvang van de vluchtelingenstroom, kijk dan op deze pagina van de Gemeente hoe je dat kunt doen.

De ene vluchteling is de andere niet?

De oorlog riep de afgelopen tijd uiteenlopende reacties op. Er komen veel geluiden uit de richting van mensen die onvoorwaardelijke steun willen bieden, maar er klinkt ook een kritische noot. Neem deze column van De Stad Gorinchem, waarvan de boodschap luidt: hartverwarmend, al die hulp voor witte christelijke vluchtelingen, maar waar was die hulp toen ‘zwarte’ vluchtelingen onze kant op kwamen? Of moslims? En waarom waren we niet zo verontwaardigd over de Irakoorlog?

 

Bekijk hierboven de video waarin Democraten Gorinchem in 2020 het oude belastingkantoor als AZC bespreekt. Vóór de oorlog in Oekraïne waren we over het algemeen terughoudender als het op vluchtelingenhulp in Gorinchem aankwam. Roy Grünewald schreef afgelopen vrijdag in zijn column in BN De Stem: “Een paar maanden geleden was er nog enorm gesteggel over de komst van asielzoekers. De staatssecretaris moest zelfs pittige dwang toepassen om de burgemeester te bewegen asielzoekers op te vangen. Nu heeft zij zelf de staatssecretaris gebeld dat Gorinchem graag bereid is Oekraïense vluchtelingen op te vangen. Hoe dan?”

Poppenhuis

In de noodopvang in Gorinchem spelen vluchtelingenkinderen ondertussen met een poppenhuis, dromend van een eigen thuis. “Kinderen op de vlucht spelen maar wat graag met een poppenhuis. Juist zij ontberen de veiligheid van een eigen thuis en kunnen met een poppenhuis fantaseren over hoe het is om in een echt huis te wonen.” In de realiteit hebben volwassenen net zoveel behoefte aan een eigen plek als kinderen. Kunnen we daar met zijn allen dus iets aan bijdragen, dan moeten we doen wat we realistisch gezien kunnen doen.

Realisme

Wat dat precies inhoudt, is in de praktijk voor iedereen anders. Zoals de burgemeester onderstreept, is het belangrijk realistisch te zijn:

“Gastvrijheid is een deugd. Maar het is wel zaak de eerste emoties niet de boventoon te laten voeren, maar goed na te denken of de opvang van vluchtelingen thuis passend is. Het gaat namelijk mogelijk langere tijd duren. Lukt het om dit vol te houden? Daarnaast komen de vluchtelingen rechtstreeks uit een oorlogsgebied, waarbij de meesten hun man en vader achter hebben gelaten. Dat is heel heftig. Mensen staan onder druk. En dan heb ik het nog niet eens over allerlei andere praktische zaken als voeding, kleding, reiskosten enzovoort.”

In zijn column van afgelopen vrijdag twijfelt ook Roy Grünewald aan het realiteitsgehalte van particuliere opvang: “Sorry hoor, maar zeg zelf! Ziet u het voor zich, dat u als goedwillende Gorcumer een gezin in huis neemt voor onbepaalde tijd, want ook hier is woningnood. Is er straks een vergoeding voor alle kosten om zeg vier monden extra te voeden?”

Ondanks alle bedenkingen blijft de nood hoog. Wouter Kolff, burgemeester van Dordrecht, roept op om na te gaan denken over opvangmogelijkheden. “Het is alle hens aan dek … Dit is een crisis die alles overstijgt.”

Hoge nood

Particuliere opvang of niet, opvang moet er komen. Vluchtelingenhulp in Gorinchem is nodig, maar hetzelfde geldt voor heel Nederland. Mogelijk organiseert de Tweede Kamer ook hierover binnenkort een Vragenuurtje op dinsdag – en hopelijk komt minister Kaag dit keer wél opdagen.